Bas van Leeuwen

Bas van Leeuwen (Mr. Bas Anthonius Simon van Leeuwen) is geboren op 25 juli 1979 te Apeldoorn. Sinds maart 2010 is hij werkzaam als advocaat. Tevens is hij de oprichter van Advocatenkantoor Iustificatio B.V., thans gevestigd te Rotterdam, voorheen gevestigd te Amsterdam.

Studieperiode (1998-2003)

In juni 1998 behaalde Bas van Leeuwen zijn Atheneumdiploma aan het Apeldoorns College. Vervolgens is hij WO Nederlands Recht gaan studeren aan de Universiteit Utrecht. Tijdens zijn studie kwam hij er achter dat hij de meeste affiniteit voelde met strafrecht, criminologie, forensische psychiatrie, politie en anti-terreur. Het is dan ook geen verrassing dat Bas doelbewust gekozen had voor de strafrechtelijke afstudeerrichting.

Op 31 maart 2003 behaalde Bas van Leeuwen zijn doctoraalbul. Zijn afstudeerscriptie betrof een rechtsvergelijkend onderzoek tussen Nederland, Frankrijk en Duitsland omtrent de interceptie van telecommunicatie als middel om (een) terroristische verdachte(n) en/of terroristische organisaties op te sporen. Hij had deze scriptie geschreven n.a.v. de terreuraanslagen van Dinsdag 11 september 2001 op het World Trade Center te New York City en op het Pentagon te Washington D.C. Volgens Van Leeuwen benadrukten deze aanslagen dat het terrorisme zich in de afgelopen decennia heeft weten te ontwikkelen tot één van de meest angstaanjagende problemen van onze tijd. Vooral de innovaties op gebied van de telecommunicatietechnologie zouden volgens Van Leeuwen een enorme bijdrage geleverd hebben aan deze ontwikkeling. Zo schrijft hij dat de innovaties er in eerste instantie toe bijgedragen hebben, dat terroristische organisaties zich wijdvertakt hebben kunnen ontwikkelen volgens een netwerk van kleine celstructuren, die zich onopvallend kunnen integreren binnen een ieders gemeenschappen. Ook schrijft hij dat dergelijke innovaties ertoe hebben bijgedragen dat terroristische organisaties steeds meer schokkende en doelgerichte aanslagen kunnen plegen. Zodoende stond in zijn scriptie dan ook centraal de vraag of  de Nederlandse regelgeving inzake het Onderzoek van de Telecommunicatie, in vergelijking met de Franse – en Duitse regelgeving op dit gebied, daadwerkelijk effectief genoeg was om terroristische cellen te kunnen bestrijden en of in dit kader een wetswijziging wenselijk dan wel noodzakelijk was. Om een antwoord te kunnen geven op deze vraag, had Van Leeuwen een tweedelig rechtsvergelijkend onderzoek moeten voeren. Het tweedelige onderzoek maakte duidelijk , dat een effectieve aanpak van het terrorisme onmogelijk was met de toen geldende Nederlandse regelgevingen inzake het Strafvorderlijk onderzoek van de telecommunicatie en het Onderzoek van de Telecommunicatie door de Inlichtingen – en Veiligheidsdiensten. Zodoende was dus een herziening van artikelen uit het Wetboek van Strafvordering en een herziening van de Wet op de Inlichtingen – en de Veiligheidsdiensten niet alleen wenselijk maar ook noodzakelijk. Van Leeuwen vond dat de toenmalige wetgeving inzake het Onderzoek van de Telecommunicatie op de volgende zes (6) punten diende te worden aangepast:

  • De artikelen 132a en 126o t/m u Sv (oud) moesten zodanig  worden aangepast, dat het Onderzoek van de Telecommunicatie ook kan plaatsvinden naar aanleiding van een redelijk vermoeden dat iemand alleen of tezamen met anderen een misdrijf als bedoeld in art. 83 Sr met het terroristische oogmerk als omschreven in art. 83a Sr beraamt of zal plegen;
  • Wanneer dus daadwerkelijk de mogelijkheid zou zijn gecreëerd om via de strafvorderlijke weg pro-actief te kunnen optreden tegen het terrorisme, dan was het volgens Bas van Leeuwen ook handig als artikel 126t Sv zou worden uitgebreid met de bevoegdheid om versleuteling van de gesprekken, telecommunicatie of gegevensoverdracht ongedaan te maken;
  • De termijnen van het pro-actie en reactief opnemen van de telecommunicatie dienden volgens Bas van Leeuwen te worden opgerekt tot minimaal drie maanden, aangezien er vaak in een later stadium nog erg interessante informatie verkregen kan worden omtrent het doelwit van de terreuraanslag, de plaats van de terreuraanslag, de datum en het tijdstip van de terreuraanslag, de identiteit van de personen die de terreuraanslag voorbereiden en gaan uitvoeren, de middelen waarmee de terreuraanslag zal worden gepleegd, etc;
  • Er diende volgens Bas van Leeuwen duidelijk in de wet te worden vastgelegd, dat wanneer een RC zou willen dat een verdachte van terroristische activiteiten wordt afgeluisterd, en de top van het OM daartegen zou zijn, in dat geval de RC zelf het bevel zou mogen geven tot het reactief opnemen van de telecommunicatie, en dat een opsporingsambtenaar zo’n bevel nimmer zou mogen negeren;
  • Bas van Leeuwen vond dat de AIVD en de MIVD als buitengewone opsporingsdiensten onderdeel dienden uit te maken van resp. de burger – en militaire politiediensten, zodat de ambtenaren van de AIVD en de MIVD kunnen worden gezien als een verlengstuk van de met opsporing en vervolging bevoegde instanties; en
  • Tot slot vond Bas van Leeuwen, dat de taakomschrijvingen van de AIVD en de MIVD geheel moesten worden herzien en de in de taakomschrijving gebruikte begrippen moeten duidelijker omschreven worden.

Volgens Van Leeuwen zouden zes aanpassingen ertoe leiden dat de toenmalige zwakke regelgeving inzake het Onderzoek van de Telecommunicatie daadwerkelijk effectief genoeg werd om terroristische cellen te kunnen bestrijden. Wel maakte hij toen duidelijk, dat de ontwikkelingen op gebied van de Telecommunicatie – en Informatietechnologie zo snel gaan, dat de noodzaak tot continue herziening van de regelgeving inzake het Onderzoek van de Telecommunicatie altijd zal blijven bestaan. Thans (nu ruim 10 jaar later) blijft Van Leeuwen bij dit standpunt.

Carrière binnen private- en publieke opsporingsorganisaties (2003-2010)

Direct na zijn studie is Bas van Leeuwen werkzaam geweest voor verscheidene private- en publieke opsporingsorganisaties. Achtereenvolgens is hij werkzaam als Jurist bij Politie Regio Utrecht, afdeling Kenniscentrum / Helpdesk HOVJ (2003-2004), Jurist / Analist bij 4iTrust Group B.V., afdeling Forensic Services and Investigations (2004-2006), Jurist / Detective en Projectmanager bij Dutch Security Services B.V. (2006), Jurist / Detective en Consultant bij Interseco Consultancy Services B.V. (2006-2008) en Jurist / Fraude Inspecteur bij Ultrascan Advanced Global Investigations (2008-2010). Tevens was hij tussendoor werkzaam als Jurist / Detective op ZZP-basis en had hij Iustus Forensic Lawyers opgericht, een forensisch onderzoeksbureau. Deze laatstgenoemde entiteit zou uiteindelijk de basis zijn voor het huidige Advocatenkantoor Iustificatio B.V. Gedurende deze periode heeft Van Leeuwen ten behoeve van de forensische onderzoekspraktijk het diploma “Particulier Onderzoeker” behaald. Verder heeft Van Leeuwen op 24 maart 2006 een juridisch wetenschappelijk artikel gepubliceerd in het Nederlands Juristenblad (NJB) omtrent de invloed van de Europees communautaire rechtsorde op de Nederlandse en Belgische particuliere recherchebranche.

Carrière binnen de advocatuur (2010-heden)

In 2010 heeft Bas van Leeuwen de overstap gemaakt naar de advocatuur en heeft hij een advocatenkantoor opgericht waar juridische en forensische specialisaties doeltreffend zijn gebundeld in een algemene juridische advies-, proces- en onderzoekspraktijk.